VLMH ontleedt misverstanden over biodiversiteit

Tijdens de Hattem Actueel-uitzending van zaterdag 14 maart praat Hans Havinga in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen over onder andere biodiversiteit. Maar, wat is biodiversiteit? Wat is goed voor de natuur? Zoals bij alle complexe onderwerpen verschillen de meningen. De Vereniging voor Landschap en Milieu Hattem (VLMH) heeft veel gehoorde uitspraken op een rij te gezet en van toelichting voorzien.

Misverstand 1: Het is hier zo mooi, dus het gaat goed met de natuur.
Wat wij mooi vinden, hoeft ecologisch niet gezond te zijn. Een landschap kan er prachtig uitzien terwijl veel planten en dieren verdwenen zijn. Biodiversiteit gaat niet over wat wij zien. Als een paar algemene soorten overal domineren, lijkt een gebied groen, maar is de natuur toch verarmd. ‘Grasfalt’ is daar een voorbeeld van: groene weilanden waarin nauwelijks nog ander leven te vinden is.

Misverstand 2: In beschermde natuur mag niets meer veranderen.
Bescherming betekent niet dat natuur wordt vastgezet als een openluchtmuseum. Natuur verandert voortdurend, en bescherming (zoals Natura 2000) houdt daar rekening mee. Soorten verdwijnen, andere komen terug of vinden een nieuwe plek. Dat gebeurt al sinds de laatste ijstijd en gaat nog steeds door. Wat “inheems” is, laat zich dan ook niet aan een vaste datum, een kunstmatige nullijn, koppelen.

Misverstand 3: Alle nieuwe soorten zijn dan toch winst voor biodiversiteit?
Dat klinkt logisch, maar diversiteit is iets anders dan biodiversiteit. Meer verschillende bomen langs de Dorpsweg maken de aanplant misschien gevarieerder, meer divers, maar niet automatisch meer biodivers. Biodiversiteit gaat over hoe planten, dieren, schimmels en micro-organismen samen functioneren en elkaar ondersteunen. Veel aangeplante soorten hebben weinig relatie met het andere leven eromheen.

Niet-inheemse soorten, exoten, zijn door mensen geïntroduceerd. Inmiddels komen in Nederland meer niet-inheemse dan inheemse plantensoorten voor. Sommige daarvan nemen zoveel ruimte in dat oorspronkelijke soorten verdwijnen. Daardoor wordt de natuur armer en kwetsbaarder. Gelukkig wordt steeds vaker geprobeerd om weer ruimte te maken voor soorten die hier van nature thuishoren, ook in stedelijke gebieden. Natuurorganisaties, zoals de VLMH en GroenGoud, zijn daar dan ook hard mee bezig.

Misverstand 4: De natuur zich vanzelf herstelt als je haar met rust laat.
Soms lukt dat, en met succes! Rewilding wordt dat wel genoemd. Maar onze invloed is ondertussen zo groot (door vermesting en verzuring (stikstof) of verdroging door waterontrekking) dat dit vaak niet meer lukt. Veel natuurlijke systemen kunnen dus niet vanzelf meer herstellen. Daarom is natuurbeheer nodig. Zo beschermen we wat er nog is en herstellen we wat verdwenen is.

Misverstand 5: Maar we hebben toch helemaal geen natuur meer in Nederland?
De term ‘postzegelnatuur’ doet onze natuur echt tekort. In ons kleine land komen juist veel verschillende typen natuur dicht bij elkaar voor, zoals duinen, riviernatuur, heide, veenweiden en beekdalen. Dat is uniek en heel waardevol. Onze heidevelden behoren tot de grootste van West-Europa en ook kustgebieden, wetlands en riviernatuur zijn belangrijk voor planten en dieren die elders sterk achteruitgaan. Nederland ligt daarnaast op een knooppunt van vogeltrekroutes, waardoor miljoenen vogels hier rusten, overwinteren of broeden.

Misverstand 6: Ach, soorten verplaatsen zich wel als hun leefgebied verdwijnt.
In werkelijkheid lukt dat veel planten en dieren niet. Geschikte leefgebieden zijn schaars geworden, verbindingen tussen natuurgebieden zijn weg en veel soorten kunnen veranderingen niet snel genoeg volgen. Het duurt daarnaast vaak tientallen jaren voordat een gezonde bosbodem ontstaat.

Misverstand 7: Maar, die natuur kun je toch altijd ergens anders compenseren?
Nee, niet alles kan overal en niet alles is maakbaar. Essentiële omstandigheden zoals bodemstructuren en waterhuishouding kun je niet zomaar verplaatsen.

Misverstand 8: Wij zijn onderdeel van de natuur, dus alles wat wij doen hoort erbij.
Inderdaad, er bestaat geen scherpe grens tussen mens en natuur. Onze omgeving is mede door mensen gevormd maar dat maakt hem toch niet minder waardevol? Tegelijk zijn wij afhankelijk van de gezonde omgeving die de natuur ons levert: voor schoon water, schone lucht, voedsel, gezondheid en welzijn. Ook onze economie is afhankelijk van een gezonde natuur.